Seizoen 2019-2020 zit er alweer op. De laatste wedstrijden zijn verreden en de laatste trainingen zijn gedaan. Voor mijn gevoel is dit seizoen voorbijgevlogen. Het staat me nog als gisteren voor de geest hoe ik, na een zomer zonder training, weer voor het eerst het ijs opstapte. Het plezier en genot van die ene keer staan nog steeds in mijn geheugen gegrift. Hoewel het seizoen voor mijn gevoel veel te snel ging, ben ik ook blij met de rustperiode waarin ik me nu bevind. De vele trainingen, de lange reizen en het drukke schema zijn me niet in de koude kleren gaan zitten en mijn lichaam had dan ook echt behoefte aan een paar weken nietsdoen.
In mijn vorige blog schreef ik dat ik met opgeheven hoofd 2020 in stapte en uitkeek naar alles wat er ging komen. Tussen nu en dat moment is er van alles gebeurd. Ik heb twee NK’s gereden, mijn eerste Starclasswedstrijd van het seizoen af kunnen strepen en daarnaast ook mentaal weer veel stappen gezet.
In het weekend van 11-12 januari trapte ik het jaar af met mijn ontgroening wat betreft shorttrack Starclasswedstrijden van 2020. Het was de laatste van een reeks van drie, dus ik was erg blij dat ik deze wedstrijd nog mee kon pakken. Gelukkig hoefden we niet veel kilometers te rijden om er te komen. Met zo’n vijf uurtjes rijden arriveerden we al in het Franstalige Epinal. Met het RTC zaten we in een gezellig huis, waar we met zijn allen de tijd buiten de wedstrijden om doorbrachten. Hoewel je het niet zou verwachten bij een klein stadje als Epinal, waren de faciliteiten op de ijsbaan top en was alles goed geregeld. We hadden pér land zelfs een eigen kleedkamer. De wedstrijden zelf gingen over het algemeen prima. Op de eerste afstand, de 1500 meter, was ik na een goede race op weg naar een plaats in de A-finale. Ik gooide echter zelf roet in het eten door in de laatste bocht onderuit te gaan. Stom, maar geen reden om ontevreden te zijn aangezien ik wel een goede rit had gereden. De B-finale wist ik gelukkig wel te winnen, wat mij 1 punt opleverde. Op zaterdag volgden de 500 meters. Met de wat mindere ervaringen op deze afstand tijdens de KNSB Cups in mijn achterhoofd, hield ik er van tevoren al rekening mee dat dit mijn slechtste afstand zou worden. Toch viel het niet heel erg tegen, met een goede halve finale welke net niet genoeg was voor een plekje twee. De B-finale ging helaas niet goed, met een valpartij als gevolg. Toch was deze zevende plek vooralsnog ook 1 puntje waard. De 1000 meter die op zondag volgde ging tot de halve finales heel erg goed. Over het algemeen is de 1000 meter ook de afstand die me het beste ligt, dus dat deze zo goed ging gaf vertrouwen. De finale was wederom niet om over naar huis te schrijven, maar toch hield ik wel een positief gevoel over aan het gehele weekend.
Het weekend vóór de Starclass-wedstrijd had de regionale plaatsing voor het NK-Allround langebaan plaatsgevonden. Deze tweedaagse wedstrijd vond plaats in Breda en Den Haag. Ik reed hier zeker niet mijn beste races, maar wel goed genoeg om de eerste plek op te eisen en zo een startplek op het NK-Allround veilig te stellen.
Het NK Allround, is voor de meeste langebaanschaatser dé wedstrijd waar het hele jaar naartoe geleefd wordt. Normaal gesproken was dit ook voor mij het geval, maar met alle gebeurtenissen van afgelopen seizoen lag er voor mij niet zo’n druk op. Daarbij kwam ook nog dat ik niet helemaal lekker in mijn vel zat en dus meer met andere dingen bezig was dan met per sé goed moeten presteren. Goed presteren deed ik dan ook niet op 1 en 2 februari in Enschede. Dit begon al bij de 500 meter waarbij mijn tegenstandster twee keer vals startte en ik dus de derde keer alleen moest starten. Logischerwijs kwam dit zowel mijn liezen als mijn eindtijd niet ten goede. De 1500 meter was op zich niet heel slecht. Mijn opening en eerste rondje waren best goed. Het verval van rondje nummer een naar het tweede rondje was wel veel te groot. Uiteindelijk werd ik met mijn eindtijd achtste. Op de tweede dag werden de 1000 meter en de 3000 meter verreden. Met het goede gevoel van de 1500 meter begon ik aan de 1000 meter. Dit zorgde er helaas niet voor dat ik wederom een lekkere rit reed. Ik vergat volledig om mijn rust te nemen, waardoor al mijn slagen naar achter wegliepen. Een 10eplek was het gevolg. Met de uitslagen van de gereden drie afstanden was het nog even spannend of ik überhaupt wel mocht starten op de afsluitende drie kilometer, waar maar 12 meiden aan mee mochten doen. Dit was godzijdank wel het geval. Daar waar ik op alle vorige afstanden echt leed onder mijn tekort aan explosiviteit kon ik op de drie kilometer tenminste lekker schaatsen. Door mijn slechte klassering had ik jammer genoeg niet veel aan mijn tegenstandster, waardoor ik de hele rit alleen gereden heb. Vooralsnog had dit geen hele slechte consequenties. Ik reed een redelijk solide rit, waarmee ik net drie honderdste buiten het podium belandde. Natuurlijk was ik hier teleurgesteld over, maar ook was ik wel een beetje tevreden. De afsluiter van het NK was een massastart. Hierover kan ik kort zijn: niet mijn ding.

Voor veel langebaners zat het langebaanseizoen er na deze wedstrijd op. Door mijn uiteindelijk vijfde plaats in het algemeen klassement was ik echter eerste reserve voor de Vikingrace. Dit is een officieus EK voor junioren waaraan ik al vier keer meegedaan heb. Het feit dat ik als eerste reserve stond betekende dat ik tot een dag voor aanvang nog een uitnodiging kon krijgen. Naast de mogelijkheid op deze afsluitende langebaanwedstrijd was ik natuurlijk ook nog veel op de shorttrackbaan vinden. Het NK-shorttrack zou namelijk pas op 7 maart plaatsvinden, een week na de Vikingrace. De Vikingrace werd ‘m uiteindelijk niet. Op het moment zelf was dat heel jammer, maar achteraf gezien ben ik er niet heel rouwig om.
Met het langebaanseizoen wat betreft wedstrijden dus echt afgesloten ging ik op vrijdagmiddag 6 maart met mijn moeder op weg naar Leeuwarden voor het NK-shorttrack. Hoewel je natuurlijk hoopt dat de laatste wedstrijd van het seizoen je beste is, was dit niet bepaald het geval. Ik reed wel degelijk goede races en ook technisch was ik niet heel verkeerd bezig, maar de resultaten waren niet wat ik hoopte dat ze zouden zijn. Ook de afsluitende superfinale over 1500 meter, waar de beste 7 na 3 afstanden aan meededen, kon hierin geen verandering brengen. Tijdens de superfinale worden er alleen nog maar punten verdeeld voor het klassement, zonder medailles. Mijn kansen voor het algemeen klassement waren bij voorbaat al heel erg klein en dus had ik besloten vanaf het begin volle bak weg te rijden. Normaal gesproken een tactiek die mij op het lijf geschreven is, ware het niet dat ik nogal wat power miste. Het resultaat: in de laatste ronde werd ik teruggepakt. Hoewel ik baalde dat het niet gelukt was, overheerste een positief gevoel omdat ik het wel geprobeerd had. Daarnaast gaf het feit dat ik teruggepakt was me ook een extra boost motivatie om komende zomer alles te geven zodat dit me niet nog eens gebeurt.

Na het NK was het idee om nog twee weken door te trainen. Sommige van mijn teamgenootjes hadden namelijk nog een EK in Rusland op de planning staan. Maar zo halverwege maart begon ook het Coronavirus op steeds meer plekken op te duiken. Steeds meer wedstrijden werden afgelast en dit EK werd geschrapt. Toen ook alle topsportfaciliteiten moesten sluiten zat ons seizoen er dus ook op. Echt af kunnen sluiten met zijn allen hebben we het helaas niet. Des te meer reden dus om, zodra het weer kan, met zijn allen op de fiets te stappen.
Op dit moment zit ik tegen het einde van mijn rustperiode aan. Nog één weekje en dan gaat het zomerseizoen voor mij officieel van start. Ik zal komend seizoen niet van team wisselen. Dit betekent dus dat ik blijf shorttracken bij RTC Midden in Utrecht onder leiding van Niels Kerstholt en Bas van Weerden en dat ik bij Sjoerd Geraerts zal trainen bij RTC Noordwest voor langebaan. Ik kijk uit naar wederom een jaar bij deze ploegen, mede omdat het vorig jaar heel goed ging met het combineren van allebei.
Daarnaast ga ik mijn best doen om weer vaker een blogpost online te zetten. Aan het begin van afgelopen seizoen wilde ik dit ook, maar omdat ik soms nog steeds erg met mezelf in de knoop zat is dit er nogal bij ingeschoten. Nu ik lekkerder in mijn vel zit ben ik dan ook weer heel erg gemotiveerd om regelmatig wat van me te laten horen!
En last but not least: net als afgelopen seizoen ben ik ook voor het nieuwe wedstrijdseizoen 2020-2021 weer op zoek naar mensen die mij zouden willen sponsoren. Dit kan met bijvoorbeeld een eigen bedrijf(je) en naamsvermelding op mijn wedstrijdpakken, of wat kleiner met gewoon een bijdrage om me te steunen. Voor meer informatie kan je een mailtje sturen naar yael.prenger@kpnmail.nl
Voor nu hoop ik dat iedereen gezond blijft en een beetje kan genieten van de zonnige dagen die eraan zitten te komen.
Foto’s gemaakt door:
Foto 1: Bowien van der Spek
Foto 2: Theodoor Gijsbers
Uitgelichte foto: Focus bij Hanneke/infocusphotography
Wat goed te lezen….You are back again!!
Mooi je eigen zelfreflecties!
Trots op je Yael 💞
LikeLike