Streep door NK massastart, streep onder NK marathon 

Het is eind december 2023. Na twee maanden met een slepende knieblessure leek het eindelijk langzaam weer wat beter te gaan. Dat wil zeggen, ik kon steeds meer trainingsarbeid aan, fietsen ging beter en ook op het ijs had ik steeds vaker het gevoel van ‘Hè, dit gaat lekker’. Met deze stijgende lijn in het achterhoofd keek ik dan ook met veel zin uit naar deelname bij het NK Afstanden op de massastart van 30 december. Natuurlijk was er ergens ook nog de teleurstelling over de gemiste plaatsingswedstrijd voor de individuele afstanden, maar veel meer was ik bezig met hoe ik een zo goed mogelijke massastart kon rijden. De week voorafgaand aan een grote wedstrijd op Thialf hebben rijders altijd de mogelijkheid een aantal keer op het ijs van Thialf te trainen, zodat we kunnen wennen aan de snelheid en bijvoorbeeld ook de temperatuur in de hal. In Leeuwarden is het namelijk altijd koud, daar waar het in Thialf erg aangenaam is, al dan niet erg warm. Tijdens deze trainingen voorafgaand aan de competitie merkte ik dat ik steeds weer wat lekkerder ging rijden. Natuurlijk was het niet op en top en merkte ik dat ik wat betreft longinhoud wat had ingeboet door de besmetting met het coronavirus. Maar dat was op dat moment de situatie waarin ik zat en het enige dat ik kon doen was me bezig houden met wat wél goed ging en daarop focussen. Vrijdagochtend, de dag voordat de massastart verreden werd, stapte ik met een goed geval van het ijs. Ik had er zin in.

Ik mocht er dan wel zin in hebben, vijf uur nadat ik met dat goede gevoel het ijs af ging, stapte ik met buikpijn van de fiets af. Iets wat ik wel vaker heb, maar in de avonduren verergerde dit en werd ik daarbij ook steeds misselijker. In eerste instantie weet ik het aan mijn bovenrug die al dagen erg vast zat en de spanning die dit gaf in de rest van mijn lichaam. Maar toen ik op een gegeven moment al het eten van de voorgaande dag(en) eruit gooide was het wel duidelijk dat dit niet het geval was en dat het waarschijnlijk te maken had met ofwel een virus, ofwel dat ik iets verkeerd had gegeten. De nacht bestond uit grotendeels wakker liggen door de misselijkheid en buikpijn en ik hoopte met alle macht dat ik me zaterdag weer beter zou voelen. Zaterdagochtend dwong ik mezelf dan ook om ‘gewoon’ te ontbijten en was ik met mijn hoofd al bij de race van die avond. Totaal voorbijgaand aan het feit dat mijn lichaam helemaal niet goed voelde, iets wat in de middag duidelijk werd doordat er geen sprake was van vooruitgang en ik helemaal geen eetlust had. Op een gegeven moment kon ik het niet meer negeren en meldde ik me af. In andere woorden, een streep door het NK massastart.

Deze voedselcrisis was dubbel klote, want op maandag 1 januari – twee dagen na het NK massastart- stond het NK marathon op de kalender. Als neo-senior had ik ervoor gekozen om te starten bij het NK Neo’s en niet bij de senioren/Topdivisie waar ik normaal rijd. Deze keuze had ik gemaakt omdat ik de voorgaande marathons heel duidelijk merkte dat mijn knie na 60 rondjes zijn max bereikte en ook mijn inhoud minder was. 100 rondes bij de senioren was daarom te veel van het goede en de 60 rondes bij de neo’s viel precies binnen de marge die mijn knie op dat moment aankon en ik had echt als doel een mooie uitslag te rijden. Goed over nagedacht dus, maar logischerwijs had ik een voedselvergiftiging niet ingecalculeerd. De zondag na het gemiste NK massastart heb ik daarom uit alle macht geprobeerd zo veel mogelijk gezonde voedingstoffen naar binnen te krijgen, met tussendoor vooral veel slapen en liggen op de bank.

Maandag 1 januari voelde ik me nog steeds niet 100 procent, maar ik was wel vastbesloten te starten. Nóg een afmelding kon ik er gewoonweg niet bij hebben. Bij het inrijden voelde ik al wel heel duidelijk dat de twee bakjes havermout en de ontelbare kiwi’s van de dagen ervoor te weinig brandstof waren. Ik moest dus slim rijden en zo min mogelijk energie verspillen naar het einde. Dit lukte vrij aardig en, ondanks dat ik wel een aantal keer mijn neus in de wind moest steken om een gaatje dicht te rijden, kwam ik redelijk fris aan in de finale. Normaal gesproken wil je als eerste de laatste ronde ingaan, maar omdat ik te weinig vertrouwen had in mijn eigen benen, koos ik ervoor om dit niet te doen en de sprint door iemand anders aan te laten trekken. Vóór de laatste bocht liet ik een klein gaatje vallen, zodat ik met het aansnijden er voor kon zorgen dat ik krap de bocht weer uit zou komen om binnendoor te steken. Het plan van de bocht werkte zoals ik in gedachten had en ik kwam nipt als tweede het rechte stuk op. Op dat moment was het een kwestie van blijven zitten en slagen maken naar de finish. Eline (van Voorden) en ik reden op een gegeven moment naast elkaar en toen maakte ik de eerste misser van dat rechte eind. Hierop volgde er nog eentje, waarna uiteindelijk een tweede plaats resteerde. Geen winst – wat wel het doel was, maar ik kon er niet van balen. Minder dan een dag ervoor lag ik nog misselijk op de bank en dit was even alles wat erin zat. Ja, ik had misschien als eerste de laatste ronde in kunnen gaan en dan van daaruit de snelheid hoger kunnen houden, maar dat had ik niet gedaan en ook het laatste rechte stuk had ik zelf verpest. Dus tweede was gewoonweg het maximale en daar was ik hartstikke blij mee. Een mooi begin van het nieuwe jaar en na al drie maanden kwakkelen een fijne opsteker. Toch een beetje zilver met een gouden randje en een dikke vette streep onder het NK marathon voor neo-senioren.

Foto’s gemaakt door Focus by Hanneke, Neeke Anna, Martin de Jong & Instaschaats

Plaats een reactie